COLUMN: Jonge god

04 sep 2021, 17:54Columns
040 illustratie column martijn schraven jca
Illustratie: Jules Calis / Pix4Profs
Martijn Schraven (1978) is freelance journalist, tekstschrijver, lezer en liefhebber van muziek die al lang niet meer gemaakt wordt. Maar eerst en vooral papa. Thuispapa, om precies te zijn. Dat léék ooit een heel logische keuze. Met regelmaat geeft hij middels zijn columns een inkijkje in zijn dagelijkse beslommeringen.
Jonge god
Ik heb, ondanks dat ik de 40 gepasseerd ben, nog steeds het lichaam van een jonge god. Tenminste, ik meen dat Boeddha ook tot de goden gerekend mag worden. Om niet helemaal te eindigen als de zittende Oosterling, besluit ik dat ik wel weer eens mag gaan sporten.
Een doorgezakte voet en een nooit goed herstelde knieschijfbreuk maken dat ik geen hardloper meer ben. Voor de breuk was ik overigens ook geen hardloper hoor. Hometrainers vind ik stom en roeimachines combineren slecht met mijn dubbele hernia.
Ik besluit tot de aanschaf van een crosstrainer. Zo’n ding waarmee je benen en armen tegelijkertijd traint. De eerste workout bestaat er uit het gevaarte überhaupt op de plek van bestemming te krijgen. De kwaliteit van een crosstrainer hangt nauw samen met het gewicht van het vliegwiel. Dat zal me leren meteen een duurder exemplaar aan te schaffen. Dat ding eindelijk naar boven gesjouwd, kan het echte zweten beginnen: het in elkaar zetten. Op de handleiding lees ik dat de fabrikant aanraadt dit met twee personen te doen. Lijkt me kolder. Ik heb het nu immers boven staan.
Ik ga redelijk voortvarend aan de slag. Ik ben geen timmerman en al zeker geen techneut. Maar na de nodige commodes en babybedjes moet een ding als dit toch ook in elkaar te zetten zijn. Dat lukt, maar niet in één keer. Schroeven die wél in gat a passen, maar niet in b, hadden achteraf toch in c gemoeten en vice versa. Pas als ik bezig ben met de afwerking, de kapjes op de scharnierpunten, valt me op dat ik een van de handgrepen achterstevoren heb zitten. En wanneer ik eindelijk alles in elkaar heb staan en ik met een voldaan gevoel de adapter aansluit, blijkt het kabeltje naar het bedieningspaneel niet vast te zitten. Knudde. Daarvoor moet zo’n beetje alles uit elkaar. Tegen de tijd dat het ding eindelijk operationeel is, heb ik de eerste halve marathon erop zitten.
Twee dagen later begin ik aan mijn eerste serieuze training. Ik selecteer een beetje lekkere playlist op m’n telefoon, sommeer de kinderen beneden te blijven en ga aan de slag.
Kennelijk staat alles nog steeds niet honderd procent juist afgesteld, zo realiseer ik me na een paar minuten. Het apparaat kraakt en piept behoorlijk. En dat op een volume dat ik vrees dat wanneer de buren thuis zijn, deze zouden kunnen denken dat Patricia en ik midden op de dag met heel andere dingen bezig zijn. Hopelijk doen ze dat niet. Je zou jezelf toch doodschamen wanneer je buren denken dat je vrijpartij dertig minuten in eenzelfde variatieloze cadans doorgaat. Ik realiseer me dat ik zojuist het nummer ‘The bad touch’ van Bloodhound Gang hardop aan het meezingen was. Mochten de buren daadwerkelijk denken dat het gekraak en gepiep afkomstig is van het liefdesspel, dan hebben ze nu voorgoed een behoorlijk verkeerd beeld van me.
Mijn ongetrainde lichaam is ondertussen heftig aan het protesteren. ‘Volhouden’, houd ik mezelf voor. Mijn gewrichten en spieren kraken inmiddels, onhoorbaar, net zo hard als de crosstrainer. Bij het piepje dat het einde markeert van het voorgeprogrammeerde trainingsprogramma stap ik zwaar bezweet en uitgedroogd van het apparaat. Eenmaal gedoucht en gehydrateerd zit ik overdreven zelfvoldaan en tevreden met mezelf te wezen.
Nou zit er op zo’n crosstrainer, net als op de meeste fitnessapparaten, zo’n computertje dat bijhoudt wat je afstand is, de snelheid en het aantal verbrande calorieën. Nou ben ik toch eens benieuwd hoeveel ik eraf getraind heb en ik zoek eens op waarmee calorieverbruik te vergelijken is. Een Big Mac-menu? Een doos Magnums? Even googelen, et voilà, daar staat het: Mijn half uur afzien komt exact overeen met 18 halve, geroosterde cashewnoten of drie blokjes kaas. Light kaas.
Tekst: Martijn Schraven
Illustratie: Jules Calis / Pix4Profs
loading

Loading